leven

listen to the pronunciation of leven
Dutch - Turkish
yasa
beraber yaşamak
yaşamak
hayatları
ömürlü
hayattan
canlı

Kedi canlı bir fare ile oynuyordu. - De kat was aan het spelen met een levende muis.

Beni asla canlı ele geçiremeyeceksin! - Je zult me nooit levend in handen krijgen.

oturma
hayatlar
yaşamak

İnsan yaşamak için yemeli, yemek için yaşamamalı. - Men moet eten om te leven, niet leven om te eten.

İnsan sağlıklı yaşamak isterse, her gün bir saat koşmalı. - Als je gezond wilt leven, moet je elke dag een uur hardlopen.

naklen
yaşar
yaşamakta
hayata
ömür
hayatında
yaşama
yaşarlar
canl
hayat

Ben o tür bir hayat yaşayamam. - Ik kan zo niet leven.

Monoton hayattan yoruldum. - Ik ben moe van het eentonige leven.

yaşam

Erkek kardeşler gibi birlikte yaşamayı öğrenmeliyiz, ya da aptallar gibi birlikte öleceğiz. - We moeten samen leren leven als broeders, of we zullen samen sterven als dwazen.

Yalnız yaşamaya dayanamıyorum. - Ik kan het niet verdragen om alleen te leven.

yaşayan
yaşayış
yaşantı
yaşamı
hayatın
bir yaşam
Dutch - English
life

Most people write about their daily life. - De meeste mensen schrijven over hun dagelijks leven.

I can't live that kind of life. - Ik kan zo niet leven.

living

I think my living with you has influenced your way of living. - Ik denk dat ons samenwonen je manier van leven beïnvloed heeft.

Living as he did in the remote countryside, he seldom came into town. - Levend op het platteland, zoals hij dat deed, kwam hij zelden in de stad.

lives

A cat has nine lives. - Een kat heeft negen levens.

Everyone can make a difference in their own lives and thereby collectively make the world a better place for themselves and others around them. - Iedereen kan een verschil maken in zijn eigen leven en daarmee gezamenlijk de wereld een betere plaats maken voor zichzelf en anderen om zich heen.

live

Humans were never meant to live forever. - Het was nooit de bedoeling dat mensen eeuwig zouden leven.

I learned to live without her. - Ik heb geleerd te leven zonder haar.

English - English
{n} dough fermented, a mixture
Lightning