kinderen

listen to the pronunciation of kinderen
Niederländisch - Türkisch
çocuklarım
küçük çocuk
çocuklu
çocukları
çocuklar

Yaşlı çiftin hiç çocukları yoktu. - Het oude koppel had geen kinderen.

Ada, çocuklar için bir cennettir. - Het eiland is een paradijs voor kinderen.

Niederländisch - Englisch
kids

The kids aren't playing in the living room but rather in the garden. - De kinderen spelen niet in de woonkamer, maar in de tuin.

Do you have any kids? - Hebben jullie kinderen?

children's
children

In this country the average number of children per family fell from 2 to 1.5. - In dit land is het gemiddeld aantal kinderen per gezin gedaald van 2 naar 1,5.

Bring your children along. - Neem uw kinderen mee.

childrens
chıldren

Parents love their children. - Ouders houden van hun kinderen.

Rubén is the father of three children. - Rubén is vader van drie kinderen.