Eşim bahçesini seviyor.
- Mijn vrouw houdt van haar tuin.
Eşimle bir sorunum yok.
- Ik heb geen probleem met mijn vrouw.
Karını asla bir başka kadınla karşılaştırma.
- Vergelijk nooit je vrouw met een andere vrouw.
Onun karısı Fransızdır.
- Zijn vrouw is Franse.
Eşim bahçesini seviyor.
- Mijn vrouw houdt van haar tuin.
Eşimle bir sorunum yok.
- Ik heb geen probleem met mijn vrouw.
Adam ve kadın çay içer.
- De man en de vrouw drinken thee.
Arabada bir kadın ve iki köpek görüyorum.
- Ik zie een vrouw en twee honden in de auto.
The woman is reading.
- De vrouw is aan het lezen.
Once upon a time, there lived a poor man and a rich woman.
- Er waren eens een arme man en een rijke vrouw.
He wanted to be woken up early by his wife.
- Hij wilde vroeg wakker gemaakt worden door zijn vrouw.
My wife is a poor driver.
- Mijn vrouw kan slecht autorijden.
Only 16 percent of the teachers of this school are female.
- Slechts zestien procent van de leraren van deze school is vrouwelijk.
A doe is a female deer.
- Een hinde is een vrouwelijk hert.